Wat transitie nodig heeft om door te pakken

HET ZANDLOPERMODEL
“Kun je dat concreet maken?” Het is één van de meest gehoorde reacties in mijn in-company trainingen. Nochtans vind ik de wicked skills niet abstract. Een vaardigheid is concreet omdat je ze kunt doen: dialogeren, faciliteren, het vorkmodel gebruiken. Maar zodra ik gedragsvoorbeelden geef — wat medewerkers morgen anders kunnen doen — blijft het vaak stil. Alsof men kijkt als een koe naar de eerste trein. Niet omdat het onduidelijk is, maar omdat het vreemd is. Het past niet in het bestaande patroon van doen. Een eenvoudige check-in aan het begin van een vergadering is daar een goed voorbeeld van.

Echt abstract zijn voor mij de mentale modellen uit filosofie, maatschappijkritiek en academische theorie. Ze inspireren mij enorm, maar voor veel mensen blijven ze ontoegankelijk: kleine lettertjes, cryptische taal, zonder handelingsperspectief.

En toch — daarin volg ik Donella Meadows — is precies die verschuiving in mentale modellen de grootste hefboom voor verandering. Otto Scharmer vat dat krachtig samen als: van ego naar eco. Voor velen blijft dat echter… abstract.

Waar ik me al dertig jaar mee bezighoud, is die nieuwe manier van kijken vertalen naar het dagelijks handelen. Daaruit zijn nu de wicked skills gegroeid: niet als theorie, maar als referentiemodel voor hoe je een eco-wereldbeeld kunt leven in organisaties en praktijken van alledag.

Maar de afgelopen jaren werd me iets anders duidelijk. De echte brug tussen filosofie en praktijk is niet “concretisering”. Het is het hart. Zoals Jan Rotmans zegt: transitie vraagt ook persoonlijke ontwikkeling. Zonder die laag van ontwikkeling blijven nieuwe vaardigheden en patronen lastig om te doen, ongemakkelijk omdat het nieuw is. Met een open hart worden ze leerbaar, bespreekbaar en betekenisvol.

En het werkt in twee richtingen. Ook pioniers die volop doen — coöperaties opzetten, windmolens bouwen, afval opruimen, bomen planten — verschuiven niet automatisch hun mentale model. Zonder innerlijk werk blijft het oude denken soms gewoon meedraaien in een nieuw jasje.

Dat is het zandlopermodel:
Bovenaan: mentale modellen en filosofie.
Onderaan: concrete praktijken en experimenten.
In het midden: het hart, waar persoonlijke ontwikkeling gebeurt die beiden verbindt.

Kortom: we hebben drie soorten pioniers nodig.
1️⃣ Denkers die mentale modellen kunnen tot leven brengen en concretiseren.
2️⃣ Doeners die niet alleen handelen, maar handelen vanuit dat nieuwe wereldbeeld.
3️⃣ Facilitatoren die mensen helpen hun hart te openen, zodat inspiraties en gedrag verbonden geraken.

Dat is waar transitie doorheen moet. Door het smalle midden van de zandloper.

"There is nothing so practical as a good theory."
- Kurt Lewin

Terug naar blogs
fix